De basis (altijd)
- ID +
bankpas
- Telefoon
(opgeladen)
- Reserveband
of tubeless plug
- CO₂
of pomp
- Bandenlichters
- Multitool
- 2
bidons
Zonder dit vertrek je eigenlijk niet.
Voeding (hier gaat het vaak mis)
Richtlijn:
- 60–90
gram koolhydraten per uur
Praktisch:
- gels
/ repen
- iets
dat makkelijk eet
- variatie
(zoet + neutraal)
Eet vóór je honger krijgt.
Kleding (Nederland = veranderlijk)
- windvest
of licht jack
- dunne
armstukken
- buff
of nekwarmer (seizoen)
Niets zo vervelend als verkleumen op 90 km.
Navigatie
- GPX
op je fietscomputer
- route
ook op je telefoon (backup)
Zeker in onbekend gebied.
Extra’s die het verschil maken
- contant
geld voor terras
- zonnebrand
- kleine
powerbank
- doekje
voor bril
Niet verplicht, wel fijn.
Wat je meestal níét nodig hebt
- complete
gereedschapskist
- 4
bidons tegelijk
- “voor
de zekerheid” spullen
Voorbereid ≠ zwaar bepakt.
Conclusie
Een lange rit draait om rust in je hoofd. Als je weet dat je alles bij je hebt wat nodig is, rijd je ontspannen — en dus
beter.